Miet Wijns 

Roy Martina in Nederland op 3 en 4 Febr

Het leven van Roy Martina is een leven van uitersten. Hij was karatekampioen en is tegenwoordig een specialist op het gebied van de subtiele energie in het lichaam. Hij studeerde medicijnen en werd arts, maar zijn belangrijkste kennis betreft zijn eigen ontdekkingen. Hij werd geboren op Curaçao, maar is tegenwoordig een wereldburger die pendelt tussen Europa China Amerika  . Hij schreef inmiddels een tientalen boeken, die allemaal spelen rond één thema: hoe kan het leven aangenamer en gelukkiger zijn? Met die boodschap staat Martina niet alleen. Maar slechts een enkeling biedt daarbij een uiterst praktische handleiding die elk mens in zijn eigen leven houvast geeft. Een gesprek met een man met een missie: ‘Het is mijn wens om de wereld te helpen. Maar dat begint bij mijzelf. Als ik erin slaag mijzelf te helpen, wordt de wereld vanzelf mooier – vanuit mij bekeken.’



 ‘In mijn jeugd was ik hyperactief en agressief. De artsen zeiden, dat ik een hersenbeschadiging had opgelopen door een tekort aan zuurstof tijdens de bevalling. Mijn ouders kregen te horen dat het niets met mij zou worden. Het enige advies was nog: zet dat kereltje op judo, daar brengen ze hem misschien een beetje discipline bij. Voor mij was judo en openbaring, want ik mocht ongestraft anderen in de knoop leggen. Ik werd er zelfs voor beloond. Judo hielp mij inderdaad ook om mijn agressiviteit te kanaliseren. Op mijn zestiende zag ik een karatefilm van Bruce Lee, die een diepe indruk op mij maakte. Ik wist niet, dat het bestond dat je anderen ook mocht trappen. Karate werd een groot succes. Ik haalde binnen tweeëneenhalf jaar de zwarte band. Ik won alles wat er te winnen viel en was zeven jaar ongeslagen Europees kampioen – aan de wereldkampioenschappen heb ik nooit meegedaan. Ik studeerde intussen medicijnen in Nederland en kreeg geen vrij.
Karate heeft me leren knokken. Je krijgt een tegenslag, je bent een beetje duizelig, maar je staat op en je gaat verder. Maar karate is meer dan vechten. De meeste wedstrijden worden al beslist, voordat er wordt gevochten. De wedstrijd is beslist, zodra je je tegenstander ziet. Laat je je intimideren, of niet? Als je je eigen angsten niet de baas bent, heeft je tegenstander dat meteen door. Dat geeft hem vertrouwen, hij wordt sterker. Jij twijfelt, je wordt kleiner en je verliest. Voor de wedstrijd ging ik altijd naar de beker kijken en dan zei ik: “Die is voor mij.”


Het was mijn droom om chirurg te worden, maar een ernstig auto-ongeluk stond dat in de weg. Tegen wil en dank werd ik huisarts. Op zoek naar een nieuw specialisme schreef ik in voor een opleiding voor artsen in acupunctuur en homeopathie. Die stap betekende een keerpunt in mijn leven. Het was de acupunctuur die mij aantrok. Ik kon mij wel wat voorstellen bij het effect van die naalden. Maar homeopathie zat ook in die studie en onderdeel van de opleiding was, dat je je eigen “constitutiemiddel” moest vinden. Dat is het middel dat het best past bij je karakter, bij je persoonlijkheid. Ik koos thuja. Dat is een oplossing tegen wratjes en poliepen en ik had altijd last van wratjes. Ik nam thuja in zo’n homeopathische verdunning waarin aantoonbaar geen molecuul van de stof meer aanwezig is. Binnen een uur kreeg ik een stekende pijn in mijn blaas. Ik ging naar de wc en plaste bloed. Dat was mij nooit eerder overkomen. Medisch gesproken moet je dan meteen naar een uroloog gaan. Ik ben verder gaan zoeken en vond dat thuja een sterk effect heeft op poliepen in de blaas. Kennelijk was er door de energieverschuiving een poliep in mijn blaas afgebroken. Ik heb nadien nooit meer bloed geplast en mijn wratten waren voorgoed verdwenen. Die ervaring heeft me een groot respect voor het onzichtbare, voor subtiele energieën bijgebracht. De scepticus in mij die geloofde in brute kracht, was overtuigd.


In Maastricht begon ik een praktijk als alternatieve arts voor homeopathie en acupunctuur. Die praktijk groeide snel uit tot de grootste privé-kliniek van Nederland met zes artsen, vier fysiotherapeuten en een aantal diëtisten. Daardoor kreeg ik de gelegenheid veel onderzoek te doen. We hanteerden als huisregel dat als een patiënt zich na tien behandelingen niet aanzienlijk beter voelde, dat we hem dan gratis bleven behandelen totdat we een oorzaak vonden. Die patiënten kreeg ik. Ik verdiepte me in het ontgiften van het lichaam. Als het lichaam zwaar is belast met gifstoffen, werkt het immuunsysteem niet. Ik ontwikkelde therapieën voor uiteenlopende allergieën. En vroeg of laat loop je tegen de emoties aan. Dat was voor mij de laatste barrière. Ik volgde studies en onderzocht het werk van anderen. Zo begon ik met de ontwikkeling van het systeem van neuro-emotionele integratie en later een daarvan afgeleide eenvoudiger methode: emotioneel evenwicht.


Emotioneel evenwicht heeft niets te maken met psychotherapie. Emotioneel Evenwicht gaat over gevoelens. Psychotherapie gaat over gedachten over gevoelens. Psychotherapeuten laten iemand een trauma herbeleven. Dat is absoluut zinloos. Ik ben geen voorstander van praten. Ik praat met iemand om hem te leren kennen, niet om zijn problemen uit te diepen. Alle emotionele problemen zijn energetische problemen. De energie in ons lichaam loopt – zoals de Chinezen duizenden jaren geleden al vaststelden – langs veertien meridianen die een soort elektrisch systeem vormen. Onverwerkte gevoelens kunnen dergelijke “elektrische circuits” afsluiten zonder dat wij ons daarvan bewust zijn.


 Op cellulair niveau kun je een herinnering aan een trauma of een reumatische pijn terugvinden. Zo’n blokkade kan fysieke gevolgen hebben, zoals ziekte, of geestelijke gevolgen: niet lekker in je vel zitten, ongelukkig zijn. Met de methode van emotioneel evenwicht kun je zelf blokkades in je lichaam opsporen en ze opheffen. Het is alsof je zekeringen in het systeem vervangt waardoor de energie weer kan stromen. Emotioneel evenwicht is een variatie op acupunctuur. Je leert veertien punten die je kunt masseren – acupressuur. Dat heeft onmiddellijk effect. Het gekke is, dat ik het nog nooit heb meegemaakt dat ik een klacht niet kan verhelpen. Wat het ook is – pijn, fobie of boosheid – je kan het gevoel altijd wegnemen. Het is een van de meest effectieve therapieën in de acupunctuur.
Vier van de tien mensen is zijn angst, pijn of fobie na een dag kwijt. Zestig procent moet bepaalde punten bij zichzelf gedurende enkele weken twee of drie keer per dag blijven behandelen. Na twee weken zijn de klachten meestal blijvend weg. Zelden komen ze dan nog terug. Het probleem verdwijnt totaal op het moment dat het punt waar de herinnering cellulair ligt opgeslagen, doorstroomt. Je leert je elektrisch systeem nieuw gedrag. Als vroeger een ontmoeting met iemand je pijn deed of tot spanningen aanleiding gaf, gebeurt dat nu onder dezelfde omstandigheden niet meer, omdat de energie blijft stromen. Emotioneel evenwicht is dus een effectieve stresstherapie.


Tegenwoordig is het in sommige kringen mode om te zeggen dat mensen hun eigen ziekte creëren. Dat is dus niet waar. Het is nooit bewust, dat we ziekte creëren. Het is een ingewikkeld patroon van vele factoren zoals geloofsovertuiging en opvoeding. Als een kind alleen maar aandacht krijgt als het ziek is, kan ik mij goed voorstellen dat het onderbewuste ziekte creëert. Maar niet bewust. Je kan niet tegen iemand zeggen: “Je hebt je kanker zelf gemaakt”. Nou nee, dat drijft bovendien naar machteloosheid. Het doet trouwens helemaal niet terzake. Het gaat erom, hoe je omgaat met wat je overkomt. Voordat je aan genezing kan beginnen, moet je je ziekte eerst accepteren. Je moet kunnen aanvaarden dat je misschien nooit beter zult worden. Als je dat kan – en emotioneel evenwicht kan daarbij helpen – haal je de druk weg. Een verkrampte houding maakt de kans op falen zo groot. Ik geloof wel, dat de geest in potentie alles kan genezen. De vraag is alleen, of we erin slagen de juiste knop om te zetten.
Soms lukt het heel goed bij iemand die kanker heeft. Je draait twee knoppen om en de spontane genezing heeft plaats. Bij een ander die misschien heel gemotiveerd is, lukt het niet, hoe hard je er ook aan werkt. In alles wat we doen, zijn elementen waarop we geen greep hebben. Misschien is dat wat de Indiërs karma noemen. Ik zie karma overigens niet als een onvermijdelijke lotsbestemming. Het gaat om onverwerkte zaken die je nu kan loslaten. Als je daarin slaagt, bijvoorbeeld door jezelf of iemand anders te vergeven, dan is je karma klaar.
Je ziet hele merkwaardige patronen. Ik had een patiënt die drie dagen per week met migraine in bed lag. Ze kwam bij mij met haar echtgenoot, een lieve, zachte man. Ik heb die vrouw behandeld en na drie maanden was zij van haar migraine verlost. Maar gelijktijdig ging haar man de vernieling in. Hij zat plotseling apathisch thuis en was alcoholist geworden. Het was een krachtige vrouw en zolang zij drie dagen per week in bed lag, was er een balans in de relatie. Toen zij geen migraine meer had, raakte die balans verstoord.


Het uiteindelijke doel is moeiteloos leven. Ofwel: de weg van de minste weerstand gaan. In het Oosten is dat de weg van overgave, van meditatie. Dat is een wezenlijke weg – zelf mediteer ik elke ochtend een uur – maar veel mensen in de gestresste westerse wereld halen die weg niet. Ze beginnen te mediteren, maar ze zijn ongeduldig en houden het niet vol, omdat er geen snelle resultaten zijn. De westerse levensstijl is verslavend. De omgeving zit vol adrenaline. Het is heel moeilijk om mensen daaruit te halen. Iemand die een of andere fobie heeft en gaat mediteren, is die fobie na zeven jaar wel kwijt. Maar wie brengt dat op? Het is,- alsof je tegen een heroïneverslaafde zegt, dat hij moet gaan mediteren om af te kicken. Dat is geen oplossing. Emotioneel evenwicht helpt om de eerste blokkades weg te ruimen. Om de pijn weg te nemen, zodat de weg naar meditatie vrijkomt. Het mooie van emotioneel evenwicht is, dat je er steeds minder van nodig hebt. Je wordt bewuster en je laat je steeds minder beïnvloeden door omstandigheden om je heen. Ik merk dat aan mijzelf. Vier jaar geleden zou het me veel pijn hebben gedaan als jij zou zeggen dat mijn therapieën onzin waren. Nu kan ik luisteren naar kritiek zonder dat dat persoonlijk iets in mij wordt. Het wordt ook veilig voor mij om eerlijk te zijn. Dat was het nooit, omdat ik ben opgegroeid in een cultuur waar je nooit “nee” zei, altijd “misschien”. Als je je veilig voelt, wordt het veel gemakkelijker om de sprong te maken naar spiritualiteit. Spiritualiteit is niet iets dat je kunt leren in workshops. Spiritualiteit is zelf ontdekken wat in je zit.
Je begint je leven met de neiging om je te identificeren met je familie, met bepaalde gewoonten, met de plaats waar je bent geboren. Je opvoeding dwingt je in een bepaald stramien. Dat stramien moet je overwinnen om jezelf te worden. Ik ben geen Curaçaoënaar. Ik ben gewoon mijzelf en ben toevallig daar geland. Ik heb ontdekt dat ik vooral ook kampioen wilde zijn om goed gevonden te worden, voor de goedkeuring. Je ontdekt ook, dat wat je in jezelf onderdrukt, je irriteert in een ander. Dat zijn je spiegels. Ik erger me enorm aan mensen die huichelen, die niet zeggen waar het op aankomt. Maar ik ben zelf ook hypocriet. Ik moest ook iets bewijzen met mijn kampioenschappen en met mijn “drive” om de beste in de alternatieve geneeskunde te zijn. Zulke inzichten helpen om weer een stapje dichter bij de moeiteloosheid te komen.
Uiteindelijk is het doel: zelfrealisatie. Dat je je zuivere zelf ontdekt. Dan kom je in de hemel, in plaats van de hel waarin wij nu leven. Ons drama is, dat we te gehecht zijn geraakt aan materie. Om jezelf te ontdekken, moet je bereid zijn om dingen los te laten. Zelfverwezenlijking betekent niet dat je geen pijn meer hebt. Het betekent dat je in moeilijke momenten niet meer krampachtig reageert, maar standvastig blijft in het besef dat je op weg bent. Dat je kunt ontspannen in de spanning. In spiritualiteit kun je geen fouten maken. Er is geen falen, alleen ervaring. Het leven gaat over groeien. Groeien voorbij de illusies die je hebt meegekregen van je land en van je opvoeding, voorbij de geloofsovertuigingen die niet van jou zijn. Het is heel belangrijk dat we bewust worden van de kracht van het woord. Een woord kan een leven vernietigen. Maar woorden kunnen mensen ook genezen. Het is essentieel om steeds te pogen het goede te zien in mensen – ook al doet dat pijn. Het is heel moeilijk om te leren dat de uiteindelijke intentie altijd goed is. Ik las een interview met Saddam Hoessein. Ik denk dat die man alleen maar liefde en aandacht wil. Daarom doet hij wat hij doet. Wij geven hem alleen maar negatieve aandacht. Dus vraagt hij meer, net als een kind stoute dingen doet om aandacht te krijgen.


In het contact met een ander ontmoet je jezelf. Wie is Roy Martina echt? Misschien toch niet de arts die ik zou willen. Althans, niet alleen. Martina wil verder dan de kring van zijn eigen patiënten. Hij wil met het verhaal van zijn ontdekkingen de wereld over. Ik denk dat hij gelijk heeft. Dit verhaal moet veel mensen bereiken. Als meer mensen zichzelf leren helpen, zal dat de wereld alleen maar goeddoen. Daarom is Roy Martina een man met een missie.

‘Met een praktijk als arts kan ik een goed leven leiden. Maar dat is niet meer mijn weg. Ik wil mijn verhaal vertellen, zelfs als ik daarnaast zou moeten werken om dat te kunnen doen. Ik ben een goede spreker. Ik kan de harten van mensen raken en hen inspireren en enthousiasmeren. Als ik spreek, sta ik niet op het podium omdat ik het allemaal weet. Ik sta daar alleen, omdat ik een aantal technieken heb ontwikkeld waardoor meer mensen sneller vooruit kunnen in hun persoonlijke ontwikkelingen. En die technieken hoeven niet eens van mij te zijn. Als jij mij een ander systeem leert dat bruikbaar is, dan zal ik dat ook in mijn verhaal opnemen. Dat maakt niets uit. Het gaat om wat effectief is, niet om dogma’s of religie.


In elke wens om een ander te helpen zit een verkapte wens om jezelf te helpen. Omdat wij onszelf niet goed zien, projecteren we onszelf op anderen. Het is mijn wens om de wereld te helpen. Maar dat begint bij mijzelf. Als ik erin slaag mijzelf te helpen, wordt de wereld vanzelf mooier – vanuit mij bekeken. 

Je voelt verandering. Ik kan tegenwoordig dingen zeggen waarover ik vijf jaar geleden nog niet kon spreken. Over zelfgenezing bijvoorbeeld. Er is duidelijk meer openheid bij het publiek. Er is zoveel informatie over spiritualiteit en zelfrealisatie, dat zich een soort kritische massa aan het ontwikkelen is. Dat heeft effect op het collectief bewustzijn. De mensen zijn er rijp voor. Men wil het gevoel hebben dat het leven meer is dan wij zien. Het moeilijkste is om verder te gaan dan een boek lezen, naar een lezing gaan of een workshop volgen en echt aan jezelf te gaan werken. Het blijft nu nog vaak bij nieuwsgierigheid. Maar de deuren gaan open. En het gekke is, dat ik geluk heb dat ik zeven jaar medicijnen heb gestudeerd. Dat geeft kennelijk toch vertrouwen en gezag. Het is mijn geluk dat mensen denken: “Hij heeft toch wel iets gestudeerd…”.’